Karen Buyens
Oh my George! Wanneer eigenzinnigheid en creativiteit een bedrijf vormen.
Docent Gerda Van Wijck in gesprek met Karen Buyens – leestijd 7 min.
Karen Buyens, oudstudent en afgestudeerd in 2006, maakte na haar opleiding een keuze die niet vanzelfsprekend was. Geen klassiek traject, maar een beslissing die haar loopbaan een heel eigen richting gaf. Oh my George, zo heet haar bedrijf. Alleen al die naam wekt nieuwsgierigheid en tovert een glimlach op mijn gezicht. Een vleugje humor, daar hou ik van. Maar wat schuilt er achter die naam, en vooral: achter die keuze?
We spreken af in een rustige coworking space op de hoogste verdieping van de prachtig gerenoveerde Stadsfeestzaal aan de Meir in Antwerpen. Haar vaste kantoor ligt in ’t Zuid, maar hier ontmoet ze ook klanten. Karen verwelkomt me hartelijk.

Achteraf besef ik dat ik te veel bezig was met presteren in plaats van mijn gevoel te volgen.
Gerda: “Waarom heb je gekozen om interieurvormgeving in Mechelen te studeren?”
Karen: “In het middelbaar volgde ik een heel algemene richting: economie-moderne talen, in Essen. Ik werd eigenlijk voorbereid op studies als economie of rechten, maar dat sprak me totaal niet aan. Het was me te breed, ik voelde geen echte klik. Wat ik wél merkte, was dat ik creatief was.
De zus van een vriendin studeerde interieurvormgeving in Mechelen en was daar erg enthousiast over. Dat sprak me meteen aan, en ik schreef me gewoon in. Infodagen herinner ik me niet eens; veel informatie hadden we in het middelbaar sowieso niet over interieurarchitectuur.”
Gerda: “Hoe verliep de opleiding daarna? Hoe heb je dat eerste jaar ervaren?”
Karen: “Het was echt zoekende. De manier van lesgeven was totaal anders dan ik gewend was. Er zaten veel Nederlandse studenten bij die grafisch sterk waren, dus het niveau lag meteen hoog. Als je dan zag hoever de derdejaars al stonden, vond ik dat best intimiderend. Ik vroeg me vaak af of ik wel goed genoeg was, misschien ook omdat ik nog jong was. Ik had het gevoel dat mijn creativiteit beperkt was.
Ik werkte continu omdat het ‘moest’. Achteraf besef ik dat ik te veel bezig was met presteren in plaats van mijn gevoel te volgen. Uiteindelijk vond ik mijn draai en kreeg ik meer zelfvertrouwen. Werken vanuit je gevoel werkt beter dan puur moeten presteren.”
Ik merk dat die combinatie van interieurvormgeving en vastgoed heel goed werkt. Het is ook precies daar dat ik me vandaag probeer te onderscheiden
Gerda: “Na het derde jaar vroeg je je af: wat nu?”
Karen: “Veel medestudenten droomden van een eigen interieurarchitectenbureau, maar ik voelde me daar nog te jong voor, ik was 21. Ik koos voor een tweede bachelor: Vastgoed. Omdat ik al veel technische vakken had gevolgd, kon ik die in twee jaar doen. Het was pittig, maar het lukte. Zo had ik twee diploma’s die me allebei boeiden.
Door mijn economische achtergrond in het middelbaar zat dat ondernemerschap er eigenlijk al een beetje in. Als ik kijk naar waar ik vandaag sta, merk ik dat die combinatie van interieurvormgeving en vastgoed heel goed werkt. Het is ook precies daar dat ik me vandaag probeer te onderscheiden.”
Gerda: “Wat een slimme zet! Maar wel een combinatie van opleidingen waar je niet meteen aan denkt?”
Karen: “Ja, het waren ook twee totaal verschillende opleidingen. Interieurvormgeving was heel creatief: out of the box denken, net doen wat niet iedereen doet, dat werd sterk aangemoedigd. Vastgoed was bijna het tegenovergestelde, met duidelijke regels en strikte kaders die je moest volgen. Precies die twee werelden combineer ik vandaag in mijn werk.”
Dat out-of-the-box-denken heb ik echt in Mechelen geleerd.
Het voordeel van klein zijn: we beslissen snel, doen alles zelf, van content op social media, van teksten tot muziekjes, en communiceren persoonlijker. Dat werkt.
Gerda: “En na je opleiding Vastgoed, met twee diploma’s op zak, wat heb je toen beslist?”
Karen: “Tijdens het laatste semester moesten we stage lopen. Een vriendin en ik wilden naar New York en we volgden een snelcursus vastgoed aan het New York Real Estate Institute. Eén van hun slogans: ‘They keep on making babies, but they don’t make land anymore’. Heel herkenbaar voor dat eiland vol hoogbouw.
De stageplek in New York ging uiteindelijk niet door, maar via een docent kwam ik terecht bij een bekend immokantoor hier op ’t Zuid. Ik mocht meteen beginnen en bleef er tien jaar. Het was mijn eerste en enige job in loondienst. Na verloop van tijd begon het te wringen: ik had veel ideeën rond creativiteit, kunst en beleving, maar daar was weinig ruimte voor. Begrijpelijk, het is een groot bedrijf met een vaste structuur, maar voor mij voelde het alsof ik het zelf moest doen als ik écht mijn eigen ding wilde realiseren.
In december nam ik de beslissing om te vertrekken. Ik trok naar Colombia, om los te komen en na te denken. Midden februari was ik terug, begin maart ging ik van start. Zonder businessplan, zonder cijfers op papier, gewoon met een idee, een netwerk en veel goesting.


Wij willen niet de grootste zijn, maar wel de beste.
Gerda: “Maar hoe ben je dan eigenlijk begonnen, je had toch brood op de plank nodig?”
Karen: “Ja, ik had al wel een netwerk opgebouwd. Het allereerste pand was van een vriendin van mij, een prachtig pand in Zurenborg. Dat was echt een mooie start, en zo is alles langzaam aan het rollen gegaan. Nu, zes jaar later, blijven we bewust klein: ik heb ondertussen één medewerker en we doen alles met ons tweeën. Maar als je naar onze social media kijkt, lijken we groter dan veel andere en bekende vastgoedkantoren in Antwerpen.
Het voordeel van klein zijn: we beslissen snel, doen alles zelf, van content op social media, van teksten tot muziekjes, en communiceren persoonlijker. Dat werkt: veel klanten komen terug en mond-tot-mondreclame is goud waard. Wij willen niet de grootste zijn, maar wel de beste.”
“Ik pas niet in dat plaatje, en dat vind ik eigenlijk leuk.”
Gerda: “Jouw eigenzinnigheid heeft daar zeker bij geholpen?”
Karen: “Zeker. Die vrijheid om te denken en doen, dat is het succes van ons bedrijf. Die creativiteit en het durven gebruiken van nieuwe ideeën heb ik echt geleerd tijdens mijn opleiding in Mechelen.
Onze huisstijl wijkt ook af van het klassieke. Daarvoor werkte ik samen met Pieter Boels, een Antwerpse letter artist. Hij verzorgt onze hele visuele identiteit: van logo, naamkaartjes, flyers tot kerstkaarten. Samen met zijn vrouw Billy Jean (eveneens oud student interieurvormgeving aan Thomas More) heeft hij een collectibles store, Rosewood waarover je meer kan lezen onder ‘inspiratie’ op onze website.”


Een appartement op plan verkopen, daar heb ik weinig voeling mee, maar een bestaand gebouw heeft al een ziel.
Gerda: “Eigenheid is belangrijk, ook in interieurvormgeving, toch?”
Karen: “Absoluut. Architectuurwoningen of nieuwe interieurs zijn vaak identiek: identieke designmeubels, minimalistisch, kleine kleuraccenten. Saai op den duur. Bij ons zie je echte eigenheid: niet gestyled, wel samenhangend, vaak atypische, maar betaalbare panden.
Gerda: “En circulariteit, ben je daar mee bezig?”
Karen: “Niet expliciet, maar ik werk graag lokaal en met bestaande panden. Wij verkopen geen nieuwbouw. Een appartement op plan verkopen, daar heb ik weinig voeling mee, een bestaand gebouw heeft al een ziel. Dat is voor mij ook een vorm van hergebruik. Zelf woon ik in een pand van 150 jaar oud. Interieurarchitecten vertrekken vaak van iets bestaands en bouwen er een verhaal rond. Herbestemming is ook leuk: binnenkort doen we een fotoshoot in een voormalig schooltje. De eigenaars willen de oude turnzaal verhuren als kantoor, of als studio voor een fotograaf of een architectenbureau.”
Het frustreert me soms dat jonge mensen hetzelfde willen: ze volgen influencers en denken dat het origineel is. Vandaag is het moeilijker creatief te zijn: alles op Pinterest, Instagram of TikTok lijkt hetzelfde. Net dat ‘out of the box’-denken vond ik zo waardevol in onze opleiding, maar vandaag kijken veel mensen niet meer verder dan hun scherm.”

Gerda: “En dan de grote vraag: vanwaar Oh my George?”
Karen: “Ik wilde absoluut niets met ‘immo’ in de naam, zoals Immo Buyens of Real Estate Buyens, dat klinkt zo saai. Om de brug te slaan tussen vastgoed, interieur en design, kozen we bewust voor een eigenzinnige naam die ons niet vastpint op één discipline en ruimte laat om te evolueren.
George vond ik gewoon een leuke naam, krachtig en Brits, met een knipoog. Afgekort is het OMG: klanten roepen soms ‘Oh my God!’ als hun bod aanvaard is, en dan zeg ik: ‘Nee, het is Oh my George!’ Er mag best een beetje humor in zitten, want de vastgoedsector is al serieus genoeg. Ook in design hou ik van humor. Een vriendin van mij, Karen Francois, (die van de ‘ik wil naar huis’ tote bags) heeft jaarlijks een pop-up shop met de meest hilarische objecten. Heerlijk, toch?”
Gerda: “Je website leest ook zo vlot, je wordt echt geprikkeld, vooral de blog over de reis naar Brazilië. Lees je veel?”
Karen: “Ja, ik lees veel. En het schrijven van de teksten is deels een tegenreactie op een leraar Nederlands, een germanist, die zei dat ik niet kon schrijven. Nu schrijf ik met humor en vlotheid. Vastgoed is zo’n serieuze wereld, ik vind dat er wat luchtigheid in mag zitten. Dat werkt voor mij, het voelt authentiek en de klant merkt dat.
Vaak hoor ik smalende opmerkingen van andere collega’s: ‘Ah, hoe is het met George?’ Maar ik denk dan: lach maar. Ik doe het op mijn manier, zonder stress of strakke targets zoals in mijn vorige baan. Daardoor presteer ik nu veel beter en heb ik meer vertrouwen. Ik heb ervaring en ideeën, en dat voelt de klant ook.”

Gerda: “Jouw studententijd, wat blijft je daar nog van bij?”
Karen: “In het eerste jaar herinner ik me vooral het vak studie der beeldelementen bij Eef Oost en Roeland Tweelinckx. De opdracht was een kubus volledig uit elkaar halen en iets totaal nieuws ruimtelijk ontwerpen, en het object bekleden met een materiaal. Eerst dacht ik: wat moet ik hiermee?, maar gaandeweg lukte het. Ik koos voor lood, allemaal vlakjes van 1 bij 1 cm. Het werd een loodzwaar object, en Roeland was er enthousiast over, dat gebeurt niet vaak, want de docenten zijn kritisch en eerlijk. Voor mij was dat een bevestiging dat ik het kon.
Verder vond ik de campus supergezellig, met de binnentuin en de foyer waar we vaak frietjes gingen eten. Ook het atelier van het derde jaar met de loopbrug en duplex vond ik fantastisch; zo’n ruimte nodigt echt uit om creatief te zijn.”
Gerda: “En het studentenleven?”
Karen: “Dat had ik eigenlijk niet. Ik ben nooit echt uitgegaan en zat het eerste jaar niet op kot. We moesten keihard werken: maquettes maken, plannen afwerken voor deadlines. Terwijl anderen feesten, werkte ik door. Mijn vrienden noemden me ‘Karen 23u’, ik ging naar huis toen iedereen zat werd om de volgende dag fris te zijn. Ik vond dat helemaal niet erg. Het moment dat een ontwerp klaar was, gaf zoveel voldoening, en dan kon ik al mijn energie steken in de maquette. Soms zaten mijn vriendinnen in juni nog te studeren, terwijl ik al klaar was.”
Gerda: “Zijn er nog tips die je zou willen meegeven aan onze studenten?”
Karen: “Heb vooral vertrouwen in jezelf. Dat komt misschien ook met de jaren, maar vertrouw erop dat je dingen kan en dat het goed komt, ook tijdens een jury. Je blijft je sowieso verder ontwikkelen. Na je studies weet je nog lang niet alles, dan begint het eigenlijk pas. Pas daarna ontdek je waar je écht goed in bent.
Volg ook je gevoel. Als iets tegen je buikgevoel ingaat, moet je het misschien niet doen, zelfs al lijkt het pad zogezegd logisch of uitgestippeld. Laat je niet te veel leiden door wat anderen zeggen; doe dit, dan heb je zeker werk. Je bent hier met een reden. Als je volgt wat bij je past, doe je waarvoor je voorbestemd bent, en dat brengt niet alleen succes, maar ook plezier. Veel mensen krijgen een burn-out omdat ze hun zielsbestemming niet volgen en werk doen dat eigenlijk niet bij hen past.
Wat ik ook iedereen zou aanraden: blijf in contact met je school via bv. de FaydherbeACADEMIE. Er zijn allerlei activiteiten waar alumni nog bij betrokken worden, zoals de Winterieuravonden, KeKW of bijvoorbeeld de reis naar Brazilië vorig jaar, die ook openstond voor oud-studenten. Die reis was met gelijkgestemden, dat voelde is acht en dat was zo’n fijne reiservaring. Tijdens KeKW hebben we elkaar weer teruggezien, en dat was echt heel leuk.”
Gerda: “Ik voel het doorheen je hele verhaal: je doet je werk met veel goesting.”
Karen: “Ja, je moet ontdekken waar je talenten liggen en die ook durven inzetten. Dat kan even duren, en dat is oké. Toen ik na interieurvormgeving besloot om vastgoed te gaan doen, was dat ook zo’n keuze. Makelaars hebben een bepaald imago, net zoals in andere beroepen, maar als je erin gelooft, moet je het gewoon doen en je niet laten beïnvloeden door anderen.”
LEVENSLANG LEREN EN EXPLOREREN
faydherbeACADEMIE is het platform van de unit Interieur, Design & Architectuur van Thomas More waarin studenten, docenten, alumni, en partnerbedrijven elkaar uitdagen op ontdekkingstocht te gaan naar de ontwerper en wereldverbeteraar in zichzelf.
We organiseren cursussen, workshops, uitstappen en cultuurtips om hen daarin te begeleiden. Sommige activiteiten zijn exclusief voor studenten, maar het grootste deel staat open voor wie geïnteresseerd is in interieur, design of architectuur.
faydherbeACADEMIE voor al je inspiratie

Karen krijgt een telefoontje dat haar volgende klanten er zijn. Verkopers en koper zijn aangekomen om een verkoopovereenkomst te tekenen. Ze gaan samen een contract tekenen. Weer klanten die straks uitroepen ‘OMG!’.
Ik neem afscheid van Karen, en bedank haar voor de gestolen tijd, ik laat haar weten dat ik al een heel ander beeld heb van een vastgoedmakelaar. Dat het ook iemand kan zijn die aan een serieuze business een vrolijke toets kan geven. Dat ze haar eigen stijl en creativiteit durft te volgen, en dat ze dat deels toeschrijft aan haar opleiding bij ons, maakt het verhaal helemaal compleet.
Schrijf je in op onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte van ID&A of laat je inspireren door ons stoefboek.











